Transitie Omring, een visie met gevolgen

Transitie Omring, een visie met gevolgen
Een andere financiering van de zorg en de druk die de overheid daarmee uitoefent, geeft zorgorganisatie Omring een extra impuls in de omwenteling van een standaard zorgaanbod naar maatwerk per cliënt. Voorzitter raad van bestuur Victor van Dijk ziet vooral het goede in de wending. “We komen steeds beter tegemoet aan de levenssituatie en wensen van cliënten en stimuleren hun eigen regie. Of dat nu thuis is of in een beschermde woonomgeving. Dat vind ik hartstikke goed. Die ontwikkeling zet ook door. De wending leidt tot stevige discussies en ingrijpende keuzes, intern en met partners. Wat lever je aan zorg en wat niet, met wie en wat doen we met ons vastgoed? Daar zijn we behoorlijk ondernemend in. Ik ben echt onder de indruk van het verandervermogen van onze organisatie en de sector als geheel.”
Omring is de grootste aanbieder van ouderenzorg in de kop van Noord-Holland, Texel en West Friesland. “We zorgen met zo’n 3.500 voornamelijk part-time medewerkers en 2.000 vrijwilligers voor circa 1.300 intramurale cliënten en 3.000 cliënten thuis. Ook hebben we 50.000 pashouders die we faciliteren met kortingen en gemaksdiensten. We waren 
lang gewend onze zorg te leveren met een standaard aanbod volgens de regels van de AWBZ. Binnen dat aanbod en die grenzen waren we wel al jaren bezig om de zorg steeds beter te laten aansluiten bij de wensen en behoeften van onze cliënten, ook door ons vastgoed aan te passen of te vervangen. Daar zit nu wel een forse versnelling op. Sinds de invoering van de zorgverzekeringswet en WMO onderhandelen we met zorgverzekeraars en gemeenten. Daarnaast blijft de vraag naar maatwerk in intensieve en langdurige zorg groeien. Door deze twee ontwikkelingen krijgt de omwenteling een extra impuls. Het aantal verpleeghuisplaatsen daalt nog verder omdat de wet langdurige zorg ons alles laat inzetten om mensen zo lang mogelijk thuis te laten wonen. Voor mensen die echt intramurale zorg nodig hebben gaan we uit van wat ze thuis gewend waren en vragen een actieve rol van de familie. We moeten dus nog verder differentiëren in ons aanbod.”

“We moeten meer 
differentiëren in 
ons aanbod”


Visie met gevolgen

Ondanks de grote veranderingen is de doelstelling van Omring niet veranderd. 
“We willen nog steeds met zorg bijdragen aan de kwaliteit van samen leven. Ook onze kernwaarden, eigen regie en samen positief, staan nog als een huis. Alleen de invulling is aan het veranderen. We willen dat mensen zo min mogelijk zorg nodig hebben. Eigen regie stimuleren betekent ook dat je mensen zo krachtig mogelijk in die samenleving zet. Een mooi voorbeeld daarvan is ons programma ‘Omzorgen’. Daar zijn we drie jaar geleden mee begonnen. Inmiddels hebben we aan honderden cliënten in de thuiszorg een deel van de zorg, en daarmee hun zelfstandigheid en hun dag, teruggegeven. We hebben mensen geleerd om weer zelf te douchen, hun steunkousen aan te trekken, insuline te spuiten, hun ogen te druppelen, enzovoort. En ook zetten we beeldzorg in. Dat ‘omzorgen’ is echt spannend en wennen voor cliënten en hun familie. Bijzonder is dat maar een paar cliënten naar een andere aanbieder zijn gegaan omdat ze zich niet in de nieuwe manier konden vinden. De meeste mensen zijn echt blij dat ze minder afhankelijk zijn. Ook voor de teams is het ingrijpend, omdat ze niet langer voor alles zorgen, maar mensen steunen in hun eigen regie. En onze wijkverpleegkundigen mogen zelf weer indicaties stellen. Dat doen ze professioneel en zinnig en zuinig. Deze bewegingen kun je natuurlijk niet van de ene op de andere dag maken, dat kost tijd. Maar we vinden dat we dit zo moeten doen omdat het bij de nieuwe visie hoort.” “Ook in onze beschermde woonvormen en intramurale settings maken we keuzes. Omring zal er altijd zijn voor mensen die professionele zorg nodig hebben. Dan heb ik het over zorg volgens de nieuwe definitie, zorg van een hoger niveau. Daar willen wij van zijn; ook van de integratie tussen cure en care, waar nodig met behandeling en revalidatie, en samenwerking met huisartsen en ziekenhuizen. Door onze strategische keuzes zijn we beter geworden in revalidatie, in wijkverpleging, in ketenzorg en in hoe we de zwaardere zorg intramuraal geven. Zaken waar we minder goed in waren, zoals huishoudelijke hulp en hulpmiddelen, hebben we losgelaten.”
Denken over ondernemerschap

In zijn denken over ondernemerschap 
ziet Victor van Dijk onder andere dit organisatorische perspectief. “In welke markten ben je actief, wat bied je aan en wat niet (meer)? Wat gebeurt er met de markten waar je inzit? Het gaat niet alleen over kopen en groeien, maar ook over desinvesteren en keuzes maken. Deze vorm van ondernemerschap is nog best lastig voor ons. Daar gaan de gesprekken nu volop over terwijl dat een paar jaar geleden nog niet echt nodig was. We zijn bezig met strategievorming en dat zal zo blijven. Blijven kijken naar waar we goed in zijn en hoe we de veranderende klantvraag willen beantwoorden. Behalve de organisatie moeten medewerkers ook snappen dat ondernemen betekent dat je de vraag van de klant beantwoordt met dienstverlening waarvoor die klant bereid is te betalen. We willen namelijk genoeg overhouden om te blijven innoveren en investeren zodat we onze functie goed kunnen uitoefenen.”
Concept volgt filosofie

In de nieuwe filosofie volgt ontwikkeling van het vastgoed en zorgconcepten op de vraag van de klant. “Vooral in dit traject zijn we erg blij met FAME als partner. FAME is zowel bouwer en daarmee een goede gesprekspartner voor woningbouwcorporaties, als conceptontwikkelaar voor de zorg en daarmee een maatje voor ons. We staan aan de vooravond van een bezoek aan Texel waar we als grootse zorgaanbieder het gat willen vullen tussen de groeiende vraag naar intensieve zorg en de huidige capaciteit. FAME heeft op een inspirerende manier het visietraject begeleid dat we samen met woningbouwcorporaties en de gemeente hebben doorlopen. Uitgangspunt is niet wat voor gebouw gaan we neerzetten maar hoe we concepten kunnen bieden die nog dichter bij gewoon wonen staan dan we nu al hebben? Daarin gaan we echt een stap voorwaarts maken door de ontwikkeling vanuit de samenleving te laten komen. Met het accent op wonen. Dan is het ook duurzaam voor de lange termijn. Over dertig jaar neemt het aantal mensen met dementie af en dan moeten we, wat we nu ontwikkelen wel kunnen aanwenden voor andere mensen die er dan willen wonen. Ziektebeelden veranderen, ook dementie. Als we hadden gebouwd wat we zeven jaar geleden van plan waren, dan hadden we nu veel te veel plekken gehad. Het is fascinerend hoe snel het zorglandschap verandert. Daar spelen we op in, steeds opnieuw.”

Loading...